Een verhaal uit de praktijk

Opeens had hij gemerkt dat zijn werk hem minder gemakkelijk afging.
Op een dag kon hij op kantoor niets meer gedaan krijgen.
Hij las wat er stond, maar snapte het niet meer.
De volgende dag kon hij bij de huisarts terecht.
Die liet hem testjes doen en besloot hem door te sturen naar de spoedeisende hulp.
In het ziekenhuis werden scans gemaakt van zijn hoofd en lichaam.
Hij bleek een tumor in mijn hoofd te hebben.
Hij moest meteen blijven, tussen hoop en vrees.
Zo snel mogelijk volgde een operatie. De uitslag kon niet slechter.
Met deze vorm van kanker kon hij niet overleven en had nog een paar jaar.

Hij was een positief ingesteld mens en wilde geen medelijden met mezelf hebben.
De dagen die er nu nog zijn beleefde hij heel anders. Hij bracht ze door met wandelen.
Maar soms nam de bezorgdheid en futloosheid de overhand.
Dan was hij moeilijk in beweging te krijgen.
Er over praten met anderen zei hem zo weinig.
Wie kon zich in zijn situatie inleven? Wie snapte er wat hij meemaakte?
Hij raakte meer en meer in zichzelf gekeerd. Er over praten met zijn vrouw werd ook lastig.
Hij had genoeg aan zichzelf en zij ook aan haar verdriet.

De buurman had hem aangeraden eens te gaan praten met een dominee.
Maar daar voelde hij niet voor. Hij kende niemand meer van de kerk.
Toch dacht hij er op door. Zo er iemand anders zijn? Hij vroeg er naar bij de huisarts.
Zo kwam hij met mij in contact.

Bij het eerste gesprek zei hij meteen dat hij het niet wilde hebben over het geloof, of over andere moeilijke onderwerpen. Waar dan wel over? We zouden wel zien.
Hij vertelde over zijn gezin, de kinderen, zijn vrouw, de familie.
Over het werk dat hij deed. Over het onbegrip op zijn werk over zijn ziekte, zelfs bij de arbo-arts. Hij leek op het eerste gezicht niet ziek, dus waarom hij dan toch niet nog wat kon werken…

Wat nou als hij steeds hulpbehoevender werd? Zou ik het wel vol houden?
Hij zei: ‘Daar zou ik met een dominee nooit over hebben durven praten, want dan weet ik het antwoord al’. Mag je zelf een grens stellen aan het leven?
‘Hoe denk jij er over?’ had hij mij gevraagd. Maar ik zei dat het er niet om gaat wat ik vind.
‘Het is jouw levensverhaal en jij voelt vanuit welke achtergrond deze vraag opkomt’.
Hij wilde niet aftakelen en een kasplantje worden.
Dat gaf hem een gevoel van schaamte, hij vond dat niet bij hem passen.
Bang was hij dat hij het dan niet langer kon opbrengen om door te gaan.

Wat zou hem kunnen helpen? Of hij er wel op aankon dat hij altijd wel gedragen zou worden.
Zou er onvoorwaardelijk van hem gehouden worden?
Is er echt iets waardoor ons leven wordt omvat?

Toen het er in een gesprek met zijn vrouw een keer over ging, zei ze: ‘Het is jouw beslissing, ik zal er altijd voor je zijn’. Dat ontroerde hem. Het was een intens moment onder elkaar.
Later kwam de kwestie nooit een keer aan de orde.
Hij zei: ‘Ik ga het wel afwachten, ik ga er nu niet meer al die energie in steken’.

De maanden verstreken en hij kon steeds minder. Er kwam steeds meer zorg over de vloer.
Met veel liefde en aandacht deden de zorgverleners wat kon.
‘Het is niet veel meer’, zei hij me in het laatste gesprek kort voor zijn sterven.
‘Ik ben op en laat het leven los. ‘If you can’t hold on, than you’ve got to let it go’. Het is niet anders’.
Het was ontroerend eerlijk. Maar ook heel zacht.
De waarheid over je leven is altijd meer dan wat je er zelf van zegt.
Als jij niet meer verder kunt, word je gedragen!

Door het gesprek over de laatste levensfase aan te gaan, kun je elkaar helpen je gevoelens, gedachten en wensen te ordenen. Je kunt vooraf bedenken wat voor jou belangrijk is en praten over wat je nog zou willen doen, wat je wilt en wat je niet wilt. Of misschien weet je het allemaal nog niet en worden dingen juist duidelijk door erover te praten. Er is niet één manier, maar er zijn wel een aantal zaken die je op weg kunnen helpen. Je komt er altijd wel verder mee.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar top